Gebruikershulpmiddelen

Site-hulpmiddelen


wet_openbaarheid_van_bestuur

Wet openbaarheid van bestuur

De Wet openbaarheid van bestuur (Wob) regelt het recht op informatie van de overheid en biedt elke Nederlandse burger de mogelijkheid om inzage te krijgen in de informatie die bij de overheid berust. Om informatie op te vragen bij de overheid kan een Wob verzoek ingediend worden. Dit kan eenvoudig gebeuren door schriftelijk of mondeling een Wob-verzoek in te dienen bij een bestuursorgaan. Iedereen mag een Wob-verzoek indienen. Dat kan bij de Rijksoverheid, gemeenten, provincies, waterschappen en publiekrechtelijke organisaties. Overheidsinformatie is altijd openbaar, tenzij de Wob of andere wetgeving bepaalt dat de gevraagde informatie niet geschikt is om openbaar te maken.

Uiteraard is daar een klein aantal beperkingen op om staatsveiligheid, privacy en bijvoorbeeld bij de overheid bekende bedrijfsgeheimen te beschermen. Er zijn organisaties uitgezonderd, omdat zij werken met vertrouwelijke of staatsgeheime informatie. Een voorbeeld van een organisatie met vertrouwelijke informatie is het Huis voor Klokkenluiders.

Wetswijziging 2016

De Wob kent keerzijdes doordat er misbruik van gemaakt kan worden door burgers die lukraak enorme hoeveelheden informatie opvragen. Soms worden Wob-verzoeken ingediend, in de hoop dat het verzoek niet op tijd wordt behandeld. Dit gebeurt bijvoorbeeld door een Wob-verzoek te verbergen in een open sollicitatiebrief of verzoeken in te dienen waaraan onmogelijk binnen het gestelde termijn voldaan kon worden. De overheid moest tot voor kort een dwangsom betalen als ze niet op tijd reageert op het Wob-verzoek. Dit kon oplopen tot een bedrag van € 1.260. In 2014 kondigde de Minister van Binnenlandse Zaken maatregelen aan (zie ook het nieuwsitem van NOS op 26-06-2014 hieronder ).

In totaal was de overheid jaarlijks acht tot veertien miljoen euro kwijt aan de afhandeling van dergelijke valse Wob-verzoeken. 1) In verband met deze vorm van misbruik van de Wob is het voorstel Wijziging van de Wet openbaarheid van bestuur in verband met aanvullingen ter voorkoming van misbruik ingediend. De Eerste Kamer heeft op 12 juli 2016 het voorstel aangenomen dat misbruik van de Wob tegengaat. De wijziging regelt dat Wob-verzoeken sinds 1 oktober 2016 niet meer onder de Wet dwangsom vallen. De overheid hoeft dan geen dwangsom meer te betalen bij te laat reageren op een Wob-verzoek.

De boetes waren echter van belang als stok achter de deur voor de indiener. Bestuursorganen van de overheid kunnen Wob-verzoeken namelijk dwarsbomen met ellenlange procedures en daarmee de openbaarheid van bestuur ondermijnen. Met de wijziging van de Wob moet een overheidsorganisatie nog steeds op tijd reageren op een verzoek of aanvraag. En op tijd een beslissing nemen over een Wob-verzoek. Gebeurt dat niet, dan kan de indiener rechtstreeks beroep instellen bij de rechter. De vraag is die extra stap naar de rechter en de daarop volgende procedure het recht op informatie ten goede komt.

Toekomst Wob

Wanneer de Wet open overheid (Woo) ook door de Eerste Kamer wordt aangenomen wordt de overheid verplicht gesteld tot het actief openbaar maken van informatie uit bepaalde categorieën en dient zij een online register bij te houden over alle documenten en datasets waarover het beschikt.

Alhoewel deze inspanningsverplichting een investering vergt van de overheid, heeft de overheid ook baat bij deze mate van transparantie. De datamanager (uit Interview A ) gaf aan dat de Wob-verzoeken namelijk veel tijd en mankracht kosten.

Door pro-actief gegevens aan te bieden, kun je het aantal Wob-verzoeken doen afnemen. Dit scheelt tijd en geld.

Met het in werking treden van de Woo zal het recht op informatie van de overheid zoals deze in de Wob verankerd ligt proactief vanuit de overheid zelf tot uiting worden gebracht. De bedoeling is dat de Woo de Wob zal vervangen.

wet_openbaarheid_van_bestuur.txt · Laatst gewijzigd: 2017/04/03 14:15 door 194.151.219.216